Pastoor John Burger van de St.Josephparochie heeft in de mis van zaterdagavond de actualiteit rond de hangjeugd en het overlijden van Willem Evers benoemd. Burger haalt de actualiteit aan in relatie tot het katholieke geloof en neemt stelling. De pastoor vraagt zich openlijk af of de overheden de signalen wel goed hebben opgevangen? Worden buurt en mensen als minder beschouwd…?

Lees hieronder integraal de inleiding en de preek van pastoor John Burger:

FEEST GEDAANTEVERANDERING VAN DE HEER 5/6 augustus 2017 Mt.17,1-9

Inleiding

Welkom U allen

bij deze eucharistieviering.

U ziet dat de kleur wit is en geen groen;

het is feest vandaag: de gedaanteverandering van de Heer,

een feest van de Heer,

zó dat als 6 augustus op zondag valt,

het zelfs op zondag gevierd wordt –

een dag van de Heer, een feest van de Heer

een feest voor ons!

Het is veertig dagen vóór het feest van Kruisverheffing.

Dit feest van vandaag werpt een licht op het kruis

waar we niet langs komen;

je moet door kruis en dood heen

om te komen tot de heerlijkheid die ons wacht

en waarvan we vandaag een voorproef krijgen.

Broekhem is allesbehalve in feeststemming.

In grafstemming, getekend door de dood –

slachtoffer en nabestaanden,

jonge daders… het is afschuwelijk…

Zeven jaar geleden heb ik in de bloemenbuurt een wegkruis op 19 maart gezegend met de tekst erop: “Heer, schenk uw rijke zegen over de jeugd van de Bloemenwegen”.

Moge dit samen-zijn hier een lichtpunt zijn

in een doodse duisternis die is neergedaald.

 

Preek

“Waar komen bij u die vechtpartijen en die ruzies vandaan?” (Jac. 4,1),  …ja erger nog,

“Gij moordt …en vecht…” (Jac. 4,2).

Dodelijke ruzies en gevechten en waarvoor?

Die vraag stelt de apostel Jacobus in zijn brief aan zijn  geloofsgemeenschap…

Ruzie en gevechten en moorden

binnen de gemeenschap…

Waar komt het vandaan?

Antwoord dat apostel Jacobus geeft klinkt als:

“Omdat ge begeert en het verkeerde begeert

en wat ge begeert niet kunt krijgen…” (Jac. 4,

Ja, dan komen de frustratie en agressie…

Boosheid is dodelijk…  Is nooit goed voor het hart van een mens…

 

Met het evangelie van vandaag krijgen we een ander plaatje:

een heel sereen gebeuren, in stilte,

een gesprek, een stralend gelaat, boven op de berg…

“Het is goed dat we hier zijn” (Mt. 17,4), zegt Petrus;

hij zou er wel willen wonen, heerlijk om te verblijven en wonen,

een mooi recreatieoord en woonoord.

 

Hoe anders als je buurt wordt geterroriseerd

door getreiter, verbaal geweld, geschreeuw en overlast…

Wat is het als vijftig meter van je huisdeur

iemand wordt doodgetrapt…?

Zijn het tieners die je in de klas hebt gehad?, vraag je je af.

Zijn het tieners van je eigen buurt?

Kinderen van ouders die je kent?

Is het een woonbuurt waarop wordt neergezien en

als minder wordt afgedaan en behandeld?

Hadden de signalen door de overheden

niet meer serieus genomen moeten worden,

en gaat de aandacht meer uit naar de mooie winkels, centrum,

toerisme, een toren en ruïne, en geen oliebollen mogen bakken door een gerenommeerde bakker voor de winkel …, dan dat er naar je mensen, je inwoners, wordt omgezien die deel uitmaken van de gemeenschap?

Worden buurt en mensen als minder beschouwd…?

Die indruk krijg ik sterk.

 

“Ben ik mijn broeders hoeder?” (Gen. 5,9) hoor je Käin dan vragen.

Op de berg heeft Jezus een stralend gelaat.

Hoe anders is dit stralende gelaat van Jezus

dan dat van Kaïn die kwaad is op zijn broer, uit afgunst:

“zijn gelaat werd grimmig” (Gen. 5,5), zo staat er letterlijk;

de trekken van de boosheid, afgunst….

Boosheid en afgunst die dodelijk zijn…

De boosheid is een gif,

nog erger de eiergif – het tragisch ook die is.

Gif van de boosheid is dodelijk voor mensen…

Ja, wij dienen als gemeenschap – ieder, zonder met de vinger direct te gaan wijzen –  als buurt, als overheid, elkaars broeders hoeder te zijn..!

 

Als je boven op de Berg Tabor staat, kun je in de verte een andere berg zien:

de berg van de zaligsprekingen, één van de grote pilaren van het evangelie,

waarin Jezus zijn wet van liefde en geweldloosheid proclameert:

“Zalig de vrede stichters, want zij zullen kinderen van God genoemd worden” (Mt. 5,9).

Zijn we vredestichters? Of onruststokers? Soort van brandstichters, stokers?

Wat voor kinderen zijn wij als volwassenen en willen we zijn?  En hoe willen we dat onze kinderen zijn…?

Kinderen van God?   En dus vredestichters…?

Elk geweld is in zekere zin zinloos, zonder zin.

Zinloos geweld komt voort uit een zinloos leven, een leven zonder zin, een verveeld leven, een leven zonder doel.

En nu een gewetensvraag:

hebben we onze kinderen meer te bieden en ook meer geboden dan een leeg leven van geld, genot, werk, carrière, een bestaan zonder grond…waarin men zich uiteindelijk waardeloos zal voelen, en minderwaard en op gegeven moment aandacht opeisen, zelfs met geweld en agressie?

Kunnen we meer bieden dan dat lege leven, namelijk een leven mét inhoud, met een richting, met ene weg, met een doel;  een leven dat verder gaat dan de dood…?

Kunnen we daarover spreken in gesprek met onze kinderen…?

Een vooruitzicht, een perspectief biedend…?

Op de berg spreekt Jezus juist over de dood, de eindigheid van dit leven, dit aardse leven met al zijn genoegens en welbevinden…Het zal een einde hebben…!

Dit aardse leven is eindig, maar niet zinloos.

Het ontvangt zijn zin en betekenis vanáchter de dood, waar Jezus zijn leerlingen vandaag met zijn gedaanteverandering juist een glimp van wil geven, een tipje van de sluier oplicht: een mooie toekomst. We hebben iets om voor te gaan! We hebben de jeugd iets te bieden om voor te gaan! Ook door het lijden van deze tijd heen, door de moeilijkheden en problemen heen: we hebben echt iets om voor te gaan!… Er ís hoop, er ís perspectief, en dát geeft Jezus.

 

Op de berg Tabor kijkt Jezus ook vooruit, met zicht op de Calvarieberg:  de berg van het kruis.

Dát is zijn vergezicht… Dat is ons vergezicht:

zijn zachtmoedigheid,

zijn gang en weg van geweldloosheid: Hij vergeeft degenen die Hem dit aandoen en slaan aan het kruis,

die Hem slaan en trappen, in het gezicht…

Die al die gewelddadigheid van de boosheid en agressie ondergaat

en draagt in een liefde tot het uiterste. Die liefde wint, die overwint…

Hij sterft een gewelddadige dood, in een houding van geweldloosheid

zonder agressie en boosheid van zijn kant,

van zijn kant alleen een geest van goedheid tot het einde…

In Sri Lanka hebben dezer dagen de minderheden, christenen en moslims, te lijden onder geweld van de boeddhisten. Je zou zeggen, Boeddhisme staat voor geweldloosheid, maar dezer dagen worden geweld en agressie aangewakkerd door boeddhistische monniken… Afgelopen zondag zijn christenen uit hun kerk verjaagd. Een mensenrechtenadvocaat – ik weet niet of hij christen is- heeft moeten vluchten, het land uit; hij is zijn leven niet meer veilig…

Als christen dit kruis geduldig en zonder weder-agressie dragen,

daartoe zijn we geroepen!

Je komt nooit langs het kruis heen…Je moet er doorheen,

maar mét het perspectief van de overwinning op het lijden en het kwaad en de dood, op de Boze en de Kwade…

Deze liefde en goedheid, die glanst, geeft het leven betekenis, zijn waarde…

 

Aan een gewelddadig incident

gaat altijd wel iets vooraf, het heeft zijn voorgeschiedenis, en het heeft zijn gevolgen.

Aan het mooie gebeuren als dat van de gedaanteverandering

gaat ook iets vooraf en het wordt gevolgd door…

Na dit berggebeuren gaat Jezus de berg af.

Onder aan de berg is er tumult. Een vader heeft de achtergebleven leerlingen gevraagd om zijn kind te helpen, dat lijdt aan vallende ziekte, een “boze geest” (Mt. 17, 18).

Ze konden hem niet helpen, de vader vraagt het nu aan de inmiddels teruggekomen Jezus…

“Gelooft ge?”, vraagt Jezus hem,

“Ja, Heer, ik geloof kom mijn ongeloof te hulp”.

Jezus helpt de jongen

maar er komen stuiptrekkingen en lijkt op de grond als dood te liggen.

Daar schrik je van.

Het kwaad heeft zijn akelige uitwerkingen, maar het goede nieuws is

het zijn stuiptrekkingen, de laatste stuiptrekkingen van de boze.

Hij is genezen…de boze geest verdreven.

“Waarom hebben wij het niet kunnen doen” – vragen de leerlingen die onmachtig waren te helpen.

“Dit kan alleen met gebed en vasten…”, zegt Jezus.

We overwinnen de boze ook in ons

door naar Jezus te luisteren,

in Hem te geloven, zijn weg daadkrachtig te gaan, en door gebed en vasten…

Daarmee worden wij én onze omgeving

bevrijd van de boze…en zijn boosheid en agressie.