Vliegend hert gezocht in Limburg

Voorpagina » Nieuws » Regio's » Vliegend hert gezocht in Limburg

Het vliegend hert is de grootste kever van Nederland. De dieren kunnen wel tot 8 centimeter lang worden. Met name de mannetjes spreken tot de verbeelding vanwege de grote kaken die doen denken aan het gewei van een hert. De lange ontwikkelingsduur en de afhankelijkheid van ondergronds dood hout maakt echter dat de soort erg zeldzaam en kwetsbaar is.
De stichting IKL nodigt bewoners in Limburg uit om waarnemingen van vliegende herten door te geven. IKL spant zich in Limburg in voor de verbetering van de leefgebieden van deze grote kever. Om gericht maatregelen te treffen is het niet alleen van belang om een goed beeld van de verspreiding te krijgen, maar is het ook belangrijk om met de mensen die de dieren aantreffen in contact te komen. Zij kennen hun eigen omgeving natuurlijk het beste en kunnen vaak ook aanvullende informatie verschaffen over de aanwezigheid van deze bijzondere keversoort.
De grootste bedreiging voor het vliegend hert is het verdwijnen van geschikte leefgebieden. Oude bomen en stronken die als voedselbron voor de larven dienen, verdwijnen uit het landschap. Ook de isolatie van leefgebieden vormt een directe bedreiging, de kevers moeten elkaar wel kunnen bereiken en vinden. De dieren kunnen weliswaar vliegen, maar ze zijn hier niet al te behendig in en kost nogal wat energie. Meestal worden dan ook slechts korte afstanden vliegend afgelegd waarbij ze
bosranden, struwelen, houtwallen en dergelijke volgen. Verbindingszones
zijn dus belangrijk om de leefgebied te verbinden en hierdoor te
vergroten.
IKL roept mensen op als ze een vliegend hert in hun eigen omgeving zien
om dit door te geven. Vermeld daarbij de vindplaats, de datum van de
waarneming, het aantal dieren en het geslacht. Bij voorkeur wordt de
waarneming ondersteund met een foto. U kunt uw waarnemingen mailen naar:
ikl@ikl-limburg.nl. Op deze manier helpt u mee aan het krijgen van goed
beeld van de verspreiding en kunnen knelpunten aangepakt worden.
Foto: Rob Geraeds, stichting IKL

← Vorig bericht

Buurtbus blijft rijden

De politiek moet nu beslissen

Volgend bericht →